Wat is het model van Korthagen?
Het model van Korthagen is een reflectiemethode waarmee je systematisch terugkijkt op je eigen handelen. De methode bestaat uit vijf stappen: handelen, terugblikken, bewustwording, alternatieven ontwikkelen en uitproberen. Het doel is dat je begrijpt wat er is gebeurd en hoe je jouw handelen in een vergelijkbare situatie kunt verbeteren.
Het model is ontwikkeld door Fred Korthagen en staat ook wel bekend als het ALACT-model. De vijf stappen vormen samen een cyclus. Nadat je een alternatief hebt uitgeprobeerd, ontstaat een nieuwe ervaring waarop je opnieuw kunt reflecteren.
Je kunt het model gebruiken voor verschillende situaties, zoals bijvoorbeeld:
- Een gesprek met een cliënt, collega of medestudent.
- Een opdracht die tijdens je stage anders liep dan verwacht.
- Een presentatie waarbij je last had van zenuwen.
- Een samenwerking waarin de communicatie niet goed verliep.
- Een beslissing waarvan je achteraf de gevolgen beter begrijpt.
Het gaat niet alleen om wat er goed of fout ging. Je onderzoekt vooral waarom je op een bepaalde manier handelde en wat je daarvan kunt leren. Dat maakt het model van Korthagen bruikbaar voor je reflectieverslag.

Hoe werkt het reflectiemodel van Korthagen?
Het reflectiemodel van Korthagen bestaat uit vijf stappen. Je begint met een concrete ervaring en eindigt met het uitproberen van een andere aanpak. Hieronder vind je per stap een uitleg en vragen die je helpen om jouw reflectie uit te werken.
Stap 1: Handelen
In de eerste stap beschrijf je de situatie waarop je wilt reflecteren. Kies een concrete gebeurtenis die je iets heeft geleerd of waarbij je achteraf vragen hebt over je eigen handelen.
Vragen die je jezelf kunt stellen in deze stap:
- Wat gebeurde er precies?
- Wat wilde ik bereiken?
- Wat heb ik gedaan?
- Wat was het resultaat?
Voorbeeld: tijdens mijn stage moest ik een presentatie geven aan mijn begeleider en een aantal collega’s. Ik had de presentatie voorbereid, maar ik begon sneller te praten toen ik merkte dat mijn begeleider kritische vragen stelde. Daardoor sloeg ik enkele belangrijke onderdelen over.
Stap 2: Terugblikken
Bij de tweede stap van het model van Korthagen kijk je terug op de situatie. Je staat stil bij wat je deed, dacht en voelde. Ook onderzoek je hoe anderen reageerden en welke invloed dat op jou had.
Vragen die je jezelf kunt stellen in deze stap:
- Wat gebeurde er op het moment dat het anders liep dan verwacht?
- Wat dacht ik toen?
- Wat voelde ik?
- Hoe reageerden de anderen?
- Wat deed ik vervolgens?
Voorbeeld: tijdens de presentatie merkte ik dat ik zenuwachtig werd toen mijn begeleider vragen stelde. Ik was bang dat ik het antwoord niet goed zou formuleren. Daarom ging ik sneller praten en probeerde ik zo snel mogelijk verder te gaan. Achteraf merkte ik dat ik daardoor minder duidelijk uitlegde wat ik had onderzocht.
Stap 3: Bewustwording van essentiële aspecten
De derde stap is een belangrijk onderdeel van het reflectieproces. Je onderzoekt waarom je op een bepaalde manier handelde en welke factoren daarbij een rol speelden. Je kijkt dus verder dan de gebeurtenis zelf.
Vragen die je jezelf kunt stellen in deze stap:
- Waarom reageerde ik op deze manier?
- Wat vond ik lastig aan de situatie?
- Welke gedachten beïnvloedden mijn gedrag?
- Wat ging goed en wat kon beter?
- Wat kan ik hiervan leren?
Voorbeeld: ik realiseer me dat ik kritische vragen snel opvat als een teken dat ik iets verkeerd heb gedaan. Daardoor raak ik onzeker en probeer ik de situatie zo snel mogelijk achter me te laten. Mijn voorbereiding was voldoende, maar ik had nog niet geoefend met het beantwoorden van kritische vragen.
Stap 4: Alternatieven ontwikkelen
Nu je weet waarom je op een bepaalde manier reageerde, bedenk je hoe je het de volgende keer anders kunt aanpakken. Probeer meerdere mogelijkheden te bedenken en kijk welke aanpak het beste bij jouw leerdoel past.
Vragen die je jezelf kunt stellen in deze stap:
- Wat zou ik een volgende keer anders kunnen doen?
- Welke alternatieven heb ik?
- Wat zijn de voor- en nadelen van die alternatieven?
- Welke aanpak past het beste bij mijn leerdoel?
- Wat heb ik nodig om mijn aanpak te verbeteren?
Voorbeeld: ik kan mijn presentatie vooraf oefenen met een medestudent die kritische vragen stelt. Ook kan ik een lijst maken met mogelijke vragen over mijn onderzoek. Tijdens de presentatie wil ik bewust een korte pauze nemen voordat ik antwoord geef. Ik kies ervoor om mijn presentatie te oefenen met een medestudent.
Stap 5: Uitproberen
In de laatste stap van het model van Korthagen pas je jouw gekozen alternatief toe in de praktijk. Je maakt concreet wat je gaat doen en waarop je wilt letten. Daarna kijk je of je nieuwe aanpak werkt.
Vragen die je jezelf kunt stellen in deze stap:
- Wat ga ik de volgende keer anders doen?
- Wanneer ga ik dit uitproberen?
- Waar wil ik tijdens de uitvoering op letten?
- Waaraan merk ik dat mijn aanpak werkt?
- Wat doe ik als het nog niet goed gaat?
Voorbeeld: bij mijn volgende presentatie oefen ik vooraf met een medestudent. Ik vraag diegene om kritische vragen te stellen en let erop dat ik rustig antwoord geef. Na de presentatie vraag ik feedback over mijn spreektempo en de duidelijkheid van mijn antwoorden. Als deze aanpak nog niet goed werkt, onderzoek ik wat ik verder kan verbeteren.